Talen
Richtlijnen en tips voor meertalige websites
Webontwikkelaars, ontwerpers en webredacteuren zullen soms worden geconfronteerd met de vraag naar meertalige versies van een website. Dit hoofdstuk gaat in op links naar de taalvarianten en hoe talen worden aangegeven in de HTML-markup.
Inhoudsopgave
- Nationaliteit, taal en schrift
- Taalkeuze voor bezoekers
- De basistaal van een pagina
- Taalvariaties binnen een pagina
Nationaliteit, taal en schrift
Voor een goed begrip van de hoofdstukken Talen en Karaktercodering is het praktisch om de volgende begrippen uit elkaar te houden.
Nationaliteit
Nationaliteit houdt zich bezig met naties, en landgrenzen. Een nationaliteit is bijvoorbeeld Nederlandse, Duitse of Engelse. Een bezoeker kan een Franse nationaliteit hebben. (Dit geeft overigens niet aan waar die bezoeker op dit moment verblijft. Sites die verschillende diensten richten op verschillende geografische locaties zouden hiermee rekening moeten houden.)
Taal
Taal is niet hetzelfde als nationaliteit. Binnen de grenzen van een land worden vaak verschillende talen gesproken. De hierboven genoemde Franse bezoeker spreekt bijvoorbeeld uitstekend Nederlands en vanwege persoonlijke omstandigheden slecht Frans.
Schrift
Voorbeelden van schriften zijn het westerse schrift (het westerse alfabet), Iffriet (Hebreeuws), Traditioneel en Versimpeld Chinees en Kanji (Japans).
Hoewel dat een schrift en een taal veel verbanden met elkaar hebben, zijn het twee verschillende begrippen. Een tekst kan meestal onafhankelijk van taal worden geschreven in een bepaald schrift. Een Japans citaat kan (onvertaald) op een Engelstalige pagina zowel in Kanjii als fonetisch – in westerse karakters – worden weergegeven: de taal van het citaat verandert niet, het schrift wél.
Op de weergave van karakters op webpagina’s wordt ingegaan in het hoofdstuk Karaktercodering.
Taalkeuze voor bezoekers
De primaire taal op Nederlandse websites is vrijwel altijd Nederlands. Er kan besloten worden om anderstalige varianten van de site toe te voegen voor niet- of beperkt Nederlandssprekende bezoekers. Regelmatig wordt Engels gekozen als een internationaal alternatief.
- R-pd.15.1: Het maken van een taalkeuze dient voor de bezoeker mogelijk te zijn op iedere pagina in de site.
- R-pd.15.2: Links voor taalkeuze dienen op een duidelijke en consistente plaats in de navigatie van de site te staan.
- R-pd.15.3: Gebruik voluit geschreven (tekstuele) links naar de taalvarianten.
- R-pd.15.4: Schrijf links naar taalvarianten in hun corresponderende taal.
- R-pd.15.5: Gebruik geen associaties met nationaliteiten voor taalkeuze.
De basistaal van een pagina
Webontwikkelaars moeten de basistaal van een pagina specificeren in de markup. Meestal zal dit Nederlands zijn. Dit hoeft maar één keer op een pagina te gebeuren, in de <html> tag, door middel van het lang attribuut.
- R-pd.15.6: Specificeer de basistaal van een pagina in de markup.
Taalvariaties binnen een pagina
Het duiden van de basistaal van een pagina is de eerste stap voor het aangeven van taal in de markup. Er kunnen echter in de inhoud van de pagina Engelse woorden, een Franstalig citaat of de titel van een Duitstalig boek in de inhoud van de pagina voorkomen. De volgende stap is het aangeven van de taal van deze woorden en zinnen in de markup.
- R-pd.15.7: Geef in de markup taalvariaties in de inhoud van pagina’s aan.
